Ik associeer Russische popmuziek met het het ad fundum (до дна) drinken van vodka, meestal in de wijde natuur, aan een kabbelend riviertje, het plastic tafellaken (клеёнка) uitgespreid op de kofferbak van een Zjigoeli (Жигули, de Lada was het exportmodel van de Zjigoeli), met een pot gepekelde augurken als aperitief (закуска), Russische pop die door de luidsprekers schalt en een bimbo (шалава) in een fluo badpak, die is meegereden om de jonges (мужики) gezelschap te houden.

Russische popmuziek is voor mij de hartverscheurende melancholie van de groep Laskovyj Maj (Ласковый Май) met hun nummer Witte rozen (Белые розы). Als ik daarnaar luister, is het alsof ik in mijn eigen hand snijd, het op een heet strijkijzer leg of met mijn tong aan een losse tand frunnik.

Russische popmuziek associeer ik ook met taxiritten in aftandse Lada’s met kapotte veringen die nerveus over de gatenkaas van de Russische wegen stuiteren terwijl de luchtverfrisser (kartonnen dennenboompje) wild tekeer gaat aan een koordje aan de achteruitkijkspiegel, de geur ervan zich vermengt met die van de vettige siliconenspray waarmee de chauffeur zijn dashboard heeft bespoten en de zelf gemonteerde luidsprekers bij de minste duik in de lage regionen het hele deurpaneel doen meetrillen met de muziek.

anna-german

Onlangs ben ik een lijstje beginnen opstellen met Russische muziek die me depressief maakt (en die waarschijnlijk iedereen depressief maakt).

Ik zit voorlopig aan een zestal liedjes, maar ben er zeker van dat ik een goudmijn heb aangeboord. Luister naar mijn afspeellijst op YouTube, die groeit naarmate ik nieuwe ontdekkingen doe.
Eenzaam bovenaan de Olympus van de Russische pop staat Vladimirski Tsentral (Владимирский Централ) van Michail Kroeg, het liedje dat in de zomer op elke straathoek, uit elk autoraampje, elk caféterras in ettelijke varianten, covers en live uitvoeringen weerklinkt, in het laatste geval meestal als afsluiter van een avondvullende performance, op het moment dat de laatste tooghanger zijn glas uit zijn handen laat glippen.

Hoofdpersoon in het liedje is een bandiet die uit het venstertje van zijn cel de eerste zonnestralen van de lente aanschouwt. Voor het raampje – een plas met gesmolten sneeuw. Maar de lente is snel voorbij.

Vladimirski Tsentral is het ijkpunt van het Russische sjanson (шансон), dat de thematiek van het blatnaja pesnja (блатная песня, boevenlied. Zie mijn vroegere blogbericht) combineert met de riedeltjes van Charles Aznavour en Joe Dassin.

Het is geschreven door Michail Kroeg, een melkboer die nooit de muren van een cel had gezien, maar wel songs schreef die het leven van de oerki (урки, niet-politieke gevangenen) romantiseerde in een tijd (de бурные/лихие девяностые, de wilde jaren negentig) dat het populair was om bandiet te zijn en die de stem werd van een brede sociale laag. De ironie van het lot wil dat hij in zijn kottedzj (коттедж) werd doodgeschoten door twee gemaskerde huurmoordenaars.

De ironie van het lot.

Interessant? Abonneer je op mijn nieuwsbrief met Ruslandparafernalia op tinyletter.com.